Wondermond

Boekcover Wondermond, Anne-Gine Goemans. De cover is een getekende weergave van een vuurtoren in de nacht op een dijk met onder water allerlei vormen in lijnen.

Waar het boek over gaat: Boye belandt met zijn moeder bij oma Wiep, in het piepkleine Friese dorp Wondermond. Zijn vader is opgepakt voor beleggingsfraude. Oma Wiep is de kleindochter van Nanna, weduwe van een van de vele mannen die omkwamen bij een grote scheepsramp begin 20e eeuw. Dan vindt een wetenschapper een onderdeel van een verloren gewaand schip terug, dankzij Boye. Het schip van zijn over-overgrootvader. Vindt Boye zijn Wondermondse roots? En wat doet de vondst met het dorp?

Vlot en vlak verhaal

Wondermond was het Hebban Boek van de Maand in september 2024. Ik was nieuwsgierig naar dit verhaal dat gaat over een scheepsramp aan het begin van de 20e eeuw en een moeder en zoon die Bloemendaal ontvluchten nadat vader is opgepakt voor beleggingsfraude.

Het boek opent met een fragment over Nanna, begin 20e eeuw. Het is een paar jaar na de ramp. Nanna houdt zich met haar kinderen met moeite staande. Dan flitst het verhaal naar nu, naar de 17-jarige Boye. Hij loopt het huisje van oma Wiep in Wondermond binnen. Vindt het helemaal niks en wil er zo snel mogelijk weg.

Goemans schrijft onderhoudend. Het verhaal verveelde geen moment. Ik kon lekker vlot doorlezen. Het verhaal van Boye is de rode draad. Tussendoor flitst het verhaal naar het verleden. Naar de voormoeders van Boye. Het is dan even puzzelen waar je zit in de tijd (het staat erbij, maar toch) en vooral waar we in de familietijdlijn zitten. Die fragmenten blijven fragmenten. De personages in die stukken zijn vrij vlak. Ook Boye blijft voor mij vlak.

Karikatuur

Het grootste probleem van dit boek is dat het allemaal wel heel erg karikaturaal is. Alle vooroordelen over platteland en stad, Randstad en regio bevestigt Goemans. Iedereen in Wondermond is nuchter en praktisch en het zijn allemaal doorzetters. Uiteraard ontbreken de dorpsgekken en de arrogante dorpselite niet. In de ogen van de Wondermonders zijn het allemaal watjes, daar in de stad. En Boye, die is van de stad, dus hij kijkt neer op de vissers en boeren. Het leventje van Boye in Bloemendaal schetst Goemans als een verzameling arrogante, narcistische snobs al snuivend en zuipend langs een villa-met-zwembad. Ik vond het allemaal erg vermoeiend. Helemaal ergerlijk is dat Goemans een tamelijk bekend christelijk lied niet goed citeert.

Nog vervelender is dat ik mij ook niet echt kon verplaatsen in Boye. Misschien wel doordat het allemaal erg karikaturaal is en mij dat stoort. Misschien omdat hij gewoon vlak en voorspelbaar bleef. Jammer, want juist in een boek kun je in het hoofd kruipen van iemand die iets ingrijpends meemaakt in het leven en wat dat met je doet, hoe je ermee omgaat en hoe je jezelf opnieuw uitvindt. In dit boek is dat gewoon een kwestie van genen, ‘het Wondermondse DNA’ van gewoon doorgaan. Jammer.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Bericht reactie