Het walvistheater

‘Leest als een trein, heb mij tijdens mijn vakantie heel wat uurtjes mee vermaakt.’ Dat zei een oud-collega over Het Walvistheater. Dit boek was inderdaad een hele fijne leeservaring. Het begint net na de Eerste Wereldoorlog. Je belandt in een Downton Abbey-achtige wereld, maar dan met een vader die zijn dochter verwaarloost.
Het boek bestaat uit verschillende stijlen en kleuren die toch een geheel zijn. Nadat we kennis hebben gemaakt met Cristabel Seagrave en landgoed Chilcombe maken we een sprong in de tijd. Het draait dan om de avonturen van Cristabel, haar halfzusje Florence en Florence’ halfbroertje Digby. De kinderen leven in hun eigen avonturenwereld en vertrouwen elkaar blind. De komst van de Russische kunstenaar Taras met zijn vrouwen en kinderen zorgt ervoor dat Cristabel haar droom kan realiseren: een theaterstuk regisseren. De botten van een walvis dienen als decor voor het theater in de tuin van het landgoed, ik denk een beetje zoals de walviskaak die op Schiermonnikoog staat.
Teloorgang landadel
Weer een tijdsprong verder zitten we aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Digby gaat in dienst. Cristabel stelt volwassen worden zo lang mogelijk uit. En Florence volgt vooral wat iedereen aan haar vraagt. Dit doet mij denken aan de Cazalets (heerlijke serie!) en toch is het anders. De Cazalets waren ergens een warm gezin. De kinderen Seagrave zijn een drie-eenheid en dat is toch wat anders dan een warm gezin. Het taalgebruik is ook anders, de Cazalets ademt ook de taal van de jaren ‘30. Beide boeken gaan over de teloorgang van de landadel, hoe ze zo lang mogelijk blijven doen alsof er niets aan de hand is en hoe vooral de Tweede Wereldoorlog de rollen in het gezin voorgoed verandert.
Nog een tijdsprong verder zitten we midden in de oorlog. En kiezen de drie Seagraves hun eigen rol. Het boek is qua genre nu meer zo’n spionage-vrouwen-in-het-verzetroman zoals we die van Kate Quinn of Pam Jenoff kennen. Met een vleugje Jane Austen. Ik vond het ontroerend hoe Florence haar eigen weg vond.
Joanna Quinn heeft heel knap 4 genres verwerkt in haar boek en het toch een geheel weten te maken. Het laat mooi zien hoe je in je leven jezelf opnieuw kunt uitvinden en toch jezelf blijven. En hoe drie kinderen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn omdat zij in hun jeugd op elkaar aangewezen waren.
Coming-of-age in drievoud
Het walvistheater is een dikke pil. Leest als een trein, precies zoals mijn oud-collega zei. Toch zijn er ook stukken waar die trein langzamer rijdt en je ongeduldig rondkijkt tot de trein weer op snelheid komt. Deze stukken halen de vaart uit het boek. Misschien is het wel even goed om even op adem te komen na een serie ontwikkelingen, misschien had het eruit gekund.
Alles bij elkaar is het een vermakelijke mix van genres, een mooi drievoudig coming-of-age verhaal en vooral een ode aan verhalen. En aan Flossie, die voor mij stiekem de heldin is van dit boek.